Specificaties

Eurobitume heeft als missie het efficiënte, economische, effectieve en veilige gebruik van bitumen te bevorderen. Geharmoniseerde normen zijn de basis voor het definiëren van consistente en effectieve specificaties voor de levering van bitumen door heel Europa. Eurobitume draagt bij aan de ontwikkeling van deze normen en testmethoden door deelname aan CEN-werkgroepen om er zorg voor te dragen dat de bitumenspecificaties ”fit for purpose” zijn. Diverse fundamentele testmethoden worden gebruikt voor de technische classificatie en toetsing van de verschillen typen bitumen; deze bepalen in eerste instantie de consistentie van het bitumen bij verschillende temperature

Bitumineuze bindmiddelen

De belangrijkste karakteristieken van bitumineuze bindmiddelen worden getest met behulp van traditionele testmethoden die al vele jaren worden gebruikt. Deze testmethoden zijn ontwikkeld en gevalideerd voor niet-gemodificeerd wegenbouwbitumen. Om praktische redenen werden deze testmethoden ook toegepast voor polymeer-gemodificeerde bindmiddelen. Nieuwe, fundamentele testmethoden kunnen echter wellicht nuttig zijn om de eigenschappen van gemodificeerde bindmiddelen beter te beschrijven. Deze nieuwe testmethoden zijn beoordeeld door Eurobitume en het wordt aanbevolen deze op te nemen wanneer de betreffende specificaties worden herzien. Niet-gemodificeerde bindmiddelen kunnen middels traditionele testmethoden accuraat worden beschreven en getoetst.



Nieuwsbrief!

We houden u op de hoogte van de laatste ontwikkelingen.

TESTMETHODEN

Verwekingspunt – ring- en kogelmethode (EN 1427)

Deze methode, vastgelegd in de Europese norm EN 1427, dient om het gedrag van bitumen te testen bij verhoogde bedrijfstemperaturen. De temperatuur wordt bepaald waarbij een laag bitumen in een koperen ring onder het gewicht van een stalen bal een bepaalde mate van vervorming vertoont bij stijgende temperatuur Deze testmethode is al meer dan honderd jaar in gebruik.

Naaldpenetratie
(EN 1426)

Een testmethode die al tientallen jaren in gebruik is en nu is beschreven in EN 1426. De naaldpenetratie wordt bepaald door de diepte (gemeten in 1/10 mm) die een naald van 100 gram in het bitumen kan penetreren binnen vijf seconden bij een temperatuur van 25 °C. Hiermee kan het gedrag van bitumen worden getest voor gemiddelde bedrijfstemperaturen. Deze testmethode is geschikt voor alle typen bitumen.

Penetratie Index
(EN 1427)

De Penetration Index is op zichzelf geen testmethode, maar wordt verkregen door berekening vanuit het verwekingspunt ring & kogel en de naaldpenetratie. De formule voor de berekening is gebaseerd op de aanname dat de penetratie van het bitumen bij zijn verwekingspunt 800 dmm is. Dit is correct voor het merendeel van de conventionele bitumina maar niet voor polymeergemodificeerde en speciale bitumina. De oorspronkelijke berekening was gebaseerd op bepaling van de naaldpenetratie bij verschillende temperaturen.

Breekpunt volgens Fraass
(EN 12593)

De vaststelling van het breekpunt volgens Fraass wordt beschreven in de norm EN 12593. Het beschrijft de overgang van het bindmiddel van een flexibele naar een brosse staat en geeft de temperatuur aan waarbij een dunne, uniform afkoelende bitumenlaag op een staalplaat scheurt wanneer het wordt gebogen onder vooraf gedefinieerde test omstandigheden. De test geeft het gedrag weer van bitumen bij lage bedrijfstemperaturen.

Elastisch herstel
(EN 13398)

De test voor elastisch herstel is toepasbaar op bindmiddelen die zijn gemodificeerd met elastomeren en biedt inzicht in de mate van modificatie van de binder. Het monster wordt uitgerekt bij een vaste temperatuur en snelheid tot maximaal 20 cm en vervolgens gescheiden. Na een vooraf gedefinieerde tijdsperiode wordt de mate van elastisch herstel bepaald ten opzichte van de oorspronkelijke lengte.

Kracht-ductiliteit
(EN 13589)

Een verdere ontwikkeling van de bekende ductiliteitstest dient om de cohesieve eigenschappen van een bindmiddel te bepalen. De test wordt gebruikt in de standaard voor polymeer-gemodificeerd bitumen. Een monster wordt uitgerekt bij een vaste temperatuur en snelheid en de benodigde trekkracht wordt continu gemeten en geregistreerd. De gegevens worden onder andere gebruikt om de vervormingsenergie (EN 13703) en de maximale trekkracht of reklengte van het monster tot breuk te berekenen. Additionele interpretatiemogelijkheden van de gegevens worden momenteel onderzocht en besproken.

Complexe afschuifmodulus en fasehoek – Dynamic Shear Rheometer (DSR) (EN 14770)

De Dynamic Shear Rheometer (DSR) is een instrument dat gebruikt wordt om bitumeneigenschappen te testen onder zeer uiteenlopende belastingen en temperaturen Met de DSR kan een bepaalde kracht worden uitgeoefend op het monster en de reactie daarop van het monster worden gemeten; Daaruit kunnen eigenschappen als de complexe afschuif modulus G* en de faseverschuivingshoek worden berekend. Het testen met de DSR wordt beschreven in de standaard testmethode EN14770. Testen met de DSR worden in de regel uitgevoerd over een wijde range test temperaturen en belastingsfrequenties die aangeduid worden als de temperatuur en frequentie “sweep”. Uit de gemeten data kan de complexe afschuifmodulus G* en de bijbehorende faseverschuivingshoek δ worden berekend voor een gegeven temperatuur en frequentie.

Multiple Stress Creep and Recovery Test (MSCRT) (EN 16659)

De Dynamic Shear Rheometer (DSR) wordt ook gebruikt om de “Multiple Stress Creep and Recovery Test” uit te voeren. Deze test is beschreven in de test standard EN 16659 en beschrijft de elastische response en gevoeligheid voor spoorvorming van bitumineuze binders als functie van de aangelegde spanning. Een monster van het bitumen wordt tussen twee parallelle platen geplaatst waarna er op dit monster gedurende exact 1 seconde een bepaalde spanning wordt uitgeoefend gevolgd door 9 seconden zonder spanning. Tien cycli van kruip en herstel worden uitgevoerd waaruit de percentages voor herstel en permanente vervorming van het bitumen worden berekend. In de test wordt gebruik gemaakt van verschillende spanningsniveaus vandaar de naam : ‘Multiple-Stress Creep and Recovery Test’.

Bending Beam Rheometer 
(EN 14771)

De Bending Beam Rheometer (BBR) is een apparaat gericht op het gedrag van bitumen bij lage bedrijfstemperaturen en wordt beschreven in de norm EN 14771. Het monster wordt blootgesteld aan een constante belasting in een vloeistofbad bij lage temperatuur gedurende een vaste tijd. De buigkruipstijfheid wordt berekend op basis van de toegepaste de buigspanning en resulterende uitrekking (strain) met de tijd. De test geeft informatie over het stijfheid van het bindmiddel bij lage temperaturen en het vermogen om de spanning te dissiperen of te relaxeren.

Korte Termijn Veroudering:
RTFOT-Methode (EN 12607-1)

De “Rolling Thin Film Oven Test (RTFOT)” is meer een proces van conditionering dan een testmethode en wordt beschreven in EN 12607-1. De RTFOT simuleert het gecombineerde effect van warmte en lucht op een dunne bitumenfilm. De procedure is bedoeld de veroudering te simuleren die optreedt tijdens het Mengen en transporteren van hete asfaltmengsels. Voor wegenbouw bitumina is er een redelijke correlatie gevonden met de veroudering van bitumen tijdens de produktie van asfaltmengsels. De standard conditionerings parmeters zijn echter niet noodzakelijkerwijs toepasbaar voor gemodificeerde bitumina, waarvan de viscositeit te hoog kan zijn om een bewegende film te geven.

Lange Termijn Veroudering: ‘Pressure Ageing Vessel (PAV) Method’ (EN 14769)

Evenals de RFOT is ook de PAV een conditionerings process dat bedoeld is om informatie te verschaffen over de gevoeligheid voor lange termijn veroudering. In het algemeen wordt de PAV uitgevoerd na de RTFOT. Hoewel er nog altijd vragen zijn omtrent de toepasbaarheid van deze verouderingsprocedure, in verband met de langere periode waarin het bitumen aan een hoge temperatuur wordt blootgesteld, is de PAV de huidige standaard procedure voor lange termijn veroudering in Europa en de VS en wordt beschreven in EN 14679. Het monster in de vorm van een dunne film van bitumineuze binder wordt blootgesteld aan verhoogde druk (2,1 MPa) en temperatuur gedurende een bepaalde tijd. Veroudering met PAV is bedoeld om de mate van verharding te bepalen die het bitumen zal ondergaan gedurende de periode die het in de weg doorbrengt.

Bent u op zoek naar verdere studies, rapporten en downloads?

Kijk naar onze publicaties